Het verplichte Nederlandse inburgeringsproces voor migranten van buiten de Europese Unie is sinds de invoering van de nieuwe Wet inburgering 2021 sterk veranderd. Het doel is niet meer om migranten alleen een examen te laten maken, maar om hen vanaf de eerste dag actief te laten meedraaien in de samenleving. Dit traject is intensief en verloopt via een aantal vaste, wettelijke stappen.
Het proces begint voor veel migranten al voordat ze een voet in Nederland zetten. Om een machtiging tot voorlopig verblijf te krijgen, moeten zij eerst slagen voor het basisexamen inburgering buitenland. Dit computerexamen wordt afgelegd op een Nederlandse ambassade of consulaat in het land van herkomst en bestaat uit basis-leesvaardigheid en basis-spreekvaardigheid (beide niveau A1) en kennis van de Nederlandse samenleving.
Zodra de migrant in Nederland aankomt en zich inschrijft bij de gemeente, start de officiële inburgeringstermijn van drie jaar. Onder de huidige wetgeving ligt de regie volledig bij de gemeente. De gemeente nodigt de nieuwe migrant uit voor een brede intake, waarin gekeken wordt naar de persoonlijke situatie: het opleidingsniveau, of de migrant nog andere talen spreekt en of er werkervaring is. Ook wordt er een leerbaarheidstoets afgenomen om in te schatten hoe snel iemand de taal kan leren.
Op basis van de brede intake stelt de gemeente samen met de inburgeraar een persoonlijk plan op: het Plan Inburgering en Participatie. In dit bindende plan staat precies beschreven welke leerroute de migrant gaat volgen, welke begeleiding er is en welke examens behaald moeten worden.
Er zijn binnen de wet drie leerroutes mogelijk. De B1-route is de standaardroute voor de meeste migranten; het doel is om binnen drie jaar taalniveau B1 te halen, waarbij de taalcursus wordt gecombineerd met werk om gelijk te participeren. De Onderwijsroute is speciaal voor jongere migranten: zij worden intensief voorbereid op instroom in het Nederlandse mbo, hbo of de universiteit, waarbij ze vaak niveau B1 of B2 moeten halen. De Zelfredzaamheidsroute is er voor migranten voor wie niveau B1 of de Onderwijsroute te hoog gegrepen is; hier ligt de focus op het leren van de taal op basisniveau (A1) en het zelfredzaam worden in het dagelijks leven.
Om het inburgeringsexamen te halen, moet de migrant aan verschillende strenge eisen voldoen. Naast de vier centrale examens — Lezen, Luisteren, Schrijven en Spreken — bestaat het traject uit nog een aantal verplichte onderdelen. Het eerste is Kennis van de Nederlandse Maatschappij: een examen over hoe we in Nederland met elkaar omgaan, de politiek, de gezondheidszorg en de wetgeving. Het tweede is het Participatieverklaringstraject, dat al snel na aankomst start; de migrant leert over de Nederlandse kernwaarden en ondertekent een verklaring waarin staat dat zij deze waarden respecteert. Het derde is de Module Arbeidsmarkt en Participatie, die de migrant voorbereidt op de Nederlandse arbeidsmarkt met oriëntatie op werk en het opbouwen van een netwerk.
Wanneer alle onderdelen uit het persoonlijke Plan Inburgering en Participatie binnen de gestelde drie jaar met succes zijn afgerond, is de inburgering voltooid en ontvangt de migrant het officiële inburgeringsdiploma. Dit document is een cruciale voorwaarde voor het eventueel aanvragen van een sterkere verblijfsvergunning of de Nederlandse nationaliteit.
Bronnen
- NOS. (2022, 1 januari). Nieuwe inburgeringswet vanaf vandaag van kracht: dit gaat er veranderen. Geraadpleegd op 10 juni 2026, van nos.nl.
- RTL Nieuws. (2022, 1 januari). Gemeenten krijgen de regie: zo ziet het nieuwe inburgeringsstelsel eruit. Geraadpleegd op 10 juni 2026, van rtlnieuws.nl.
- VluchtelingenWerk Nederland. (2022). De brede intake, het PIP en de drie leerroutes in het nieuwe inburgeringsstelsel. Geraadpleegd op 10 juni 2026, van vluchtelingenwerk.nl.
- Dienst Uitvoering Onderwijs. (2022). Inburgeren in Nederland volgens de Wet inburgering 2021. Geraadpleegd op 10 juni 2026, van duo.nl.